Soms kun je een ontmoeting hebben die helend is. Een ontmoeting van zien en gezien worden. Vaak gebeurt het juist in het onverwachte, in het niet-moeten. Zo’n ontmoeting kan in de natuur, in de schepping zijn. Een indrukwekkende omgeving of een dier die je op de een of andere manier raakt, waarmee je je mee verbonden weet. Hoe kort misschien ook. Het kan muziek zijn, een tekst. Het kan ook een ontmoeting zijn van mens tot mens waarin iets van liefde, vrede of troost oplicht.

Vanuit de theologie klinkt er ontmoeting in de godsnaam: ‘Ik ben die er zijn zal’. De God van de Bijbel die zich laat kennen in barmhartigheid en rechtvaardigheid. Een God die ‘met toegenegen oren’ naar ons luistert. Zo staat er geschreven. Die nabij is in diepte van ellende en in het hoge lied.
Het is ook een God die werkt in en door mensen. De relatie met de ander, kan de weg naar de Ene zijn. Door vriendelijk en rechtvaardig te zijn. Wat je voor de ander doet, door ‘de naakte te kleden, de hongerige te eten geven, de gevangenen te bezoeken, de zieken te verzorgen; dat doe je voor Mij’, zo zegt Jezus. Iets daarvan wordt ook zichtbaar in de uitdrukking: ‘Wie goed doet, goed ontmoet’. Of in de Bijbeltekst: ‘Waar twee of drie in mijn Naam bijeen zijn, daar ben Ik in het midden’. Ook het denken van de Joodse filosoof Immanuel Levinas sluit hierbij aan: ‘Ieder mens verlangt naar het goede, en door onze verantwoordelijkheid te nemen voor de ander, in te staan voor de ander, ontmoeten we die (A)ander bij uitstek: de Eeuwige’. Kunnen we in navolging van die Naam, er zijn voor de ander? Die anderen écht zien, die op ons pad komen?

Op LinkedIn kwam ik een berichtje tegen over een bibliotheek. Dit was geen bieb met boeken maar een bibliotheek waar je mensen kunt ‘lenen’. Mensen van verschillende leeftijden, culturen, afkomst. Dit idee van een bibliotheek met levende boeken, komt uit Scandinavië. En sinds 2005 worden er ook in Nederland ‘uitleningen’ georganiseerd op wisselende locaties. Zoals op festivals, markten, congressen en in parken. Daar kun je voor een half uur iemand lenen. In gesprek gaan met die ander. Luisteren naar zijn of haar verhaal.

En daarbij, bedacht ik me, ontmoeten we elkaar pas echt als we erkennen dat we allemaal anders zijn. Die ander denkt anders dan ik, kijkt anders naar de wereld, heeft een ander levensverhaal. Het maakt immers uit waar je wieg staat, waar, hoe en met wie je opgroeit, welke handicap of welke kleur je huid heeft of welk talent je meegekregen hebt. Het is de kunst oog te hebben voor het anders-zijn van de ander.

En dat brengt ook iets!
 
Die ander, het andere, roept ons op, maakt ons wakker. Zijn of haar anders-zijn, brengt ons een nieuwe werkelijkheid, een andere kijk op de dingen. Wanneer we die ander of het andere echt ontmoeten, gaat er een wereld voor ons open.
Levinas zegt het zo: ‘Die ander die oneindig anders is, geeft ons de kans om een oneindige nieuwe wereld binnen te gaan. En als wij ons door die ander aan laten spreken, dan licht daar iets van de Onuitsprekelijke op.’ Iets van die Gans-Andere.

En er is hoop! Zelfs temidden van ellende, van polarisatie, van oorlog, zijn er ontmoetingen. Zijn er mensen die oog hebben voor een ander, die met toegenegen oren luisteren.
Laten we met die hoop dit nieuwe jaar ingaan, en die ander moedig en vasthoudend zoeken. En niet in de war raken als hij ons als een vreemde voorkomt. We zullen hem herkennen aan zijn wonden, aan zijn stem, wanneer hij tot ons spreekt. Aan de geest, die angst verjaagt en vrede brengt.

Marjanne van de Mheen

Ontmoeten